Filosoferen over geloof

In onze multi-culturele samenleving komt het vaak voor dat in een klas kinderen zitten met verschillende godsdienstige overtuigingen. Islam, Christendom, Jodendom, Hindoeïsme, Boeddhisme, Jehova’s en atheïsme. De overtuigingen worden meestal van huis uit meegegeven.

Maar anders dan thuis, komen de leerlingen op school met andere kinderen en dus andere overtuigingen in aanraking. Daarom is het goed om met kinderen over het geloof te filosoferen.

Filosoferen is neutraal
Wie filosofeert met kinderen heeft op dat moment zelf geen mening. Op die manier, met een Socratische houding, kunnen ingewikkelde, gevoelige, omstreden of pijnlijke onderwerpen in de klas besproken worden. Meningen mogen elkaar tegenspreken. Iedereen mag iets anders geloven. En tijdens het filosoferen komen leerlingen erachter dat ook hún mening subjectief is, persoonsgebonden. Ze komen erachter dat achter iedere mening een argument schuilt, een reden om die mening te geloven. En dat je die argumenten kunt wegen, maar niet kunt bewijzen dat je eigen mening beter is dan die van een ander. Volgens een Schots onderzoek leidt regelmatig filosoferen tot een verhoogd cognitief vermogen, verbeterde redeneer-, spreek- en sociale vaardigheid.

Respect
Een van die vele mogelijke thema’s is het geloof. Filosoferen over geloof laat de leerlingen nadenken over verschillende geloven en ook respect hebben voor andere geloven. Niet omdat het moet, respect hebben, maar omdat ze het van binnenuit zijn gaan voelen, respect voor anders-denkenden. Ten tweede voelen minderheden zich gehoord over hun eigen geloof, en worden ze niet verdrukt door meerderheden. Ze voelen zich tevreden over hun eigen identiteit. Ten derde, en dit is een discutabele, worden ze bewuste wezens, die niet klakkeloos dingen aannemen van wie dan ook. Een kind kan zodanig zelfstandig nadenken dat ze zelf kunnen oordelen wat ze goed vinden en wat niet.

Reflectie
Natuurlijk is het niet de bedoeling om kinderen van hun geloof af te helpen. Het is de bedoeling dat ze met een zekere afstand kunnen kijken naar het fenomeen geloof. Zodra ze hierbij reflecteren op hun eigen overtuigingen, kunnen ze er bewust voor kiezen om te blijven geloven wat ze geloven. Maar nu op een kritische manier en vanuit eigen keuze. Geen priester of dominee, rabbijn of imam zou willen dat zijn gebedshuis was gevuld met makke schaapjes. Een gelovige kan overtuigd geloven, omdat hij kritisch naar het eigen geloof heeft leren kijken en er bewust kiest.

Voorbeelden van vragen die aanzetten tot filosoferen (blog WonderWhy)

Door: Sabine Wassenberg en Maaike Merckens, filosofen bij WonderWhy. - 21 december 2012