Grotten

Werkstukken en spreekbeurten

Een grot is een grote holte in een rots of berg. Denk je dat het lekker warm is in zo'n grot of juist niet?

Hoe komen er grotten?

Water kan vooral zachte steensoorten laten slijten, héél langzaam. Dat duurt duizenden jaren. Het begint met een scheurtje, dat steeds groter wordt uitgeschuurd. Grotten kunnen heel lang of heel diep zijn. In Nederland zijn ook grotten, in het zuiden van Limburg. Maar deze zijn door mensen uitgehakt en uitgegraven. Het zijn eigenlijk steengroeven of oude steenkoolmijnen.

Binnen in een grot

In grotten is het meestal donker, koud en vochtig. De opening naar buiten is soms maar erg klein. Je kunt je het beste warm aankleden als je een grot ingaat. Je moet een zaklamp meenemen en soms een kompas, een helm en een touw. Je kunt beter niet alleen een grot ingaan. Je kunt immers vallen of klem komen te zitten of gewond raken door vallende, loszittende stenen. In het donker kun je bovendien verdwalen. In grotten groeien geen groene planten. Er is immers geen licht. Er wonen vaak wel dieren. Bijvoorbeeld vogels, insecten, vissen, kreeften, watersalamanders en vleermuizen.